over mij

Als ik aandachtig zoek naar ongerijmde verschijnselen merk ik de poëzie op

Een weiland vol molshopen; aanwijzingen dat de slechtziende mol, hoe ver hij ook graaft, toch altijd het daglicht aantreft. Dat mijn kat twee geuren heeft; zijn kop ruikt naar schone was, terwijl hij naar vissige hartigheid ruikt als hij zich schoon likt. Een wandeling waarbij ik achtereenvolgens vijf vlinders op een steen, een steen aan een blauw touw, een blauwe stoel aan het einde van de weg en twee varkens in een bos aantref. Een dode haas, gisteren, als voorbode van de springlevende, vandaag.

Binnen mijn artistieke praktijk onderzoek ik de relatie tussen dier, mens en landschap. Dit doe ik door narratieven te verbeelden en te vertellen, die voortkomen uit het spanningsveld tussen (feitelijke) observaties, herinneringen en doen alsof. De verhalen die ontstaan zijn in feite een resultaat van het grondig anders interpreteren van zaken dan voorheen is gebeurd. Poëzie loopt daar als een rode draad doorheen. De poëtische verhalen werk ik uit in verschillende media, zoals teksten, tekeningen, videowerken en performances, die vervolgens als een samenbundeling getoond kunnen worden.

Middels deze verhalen probeer ik onze omgangsvorm met niet-menselijke dieren en onze omgeving te bevragen, te heroverwegen en op zoek te gaan naar een zorgvuldigere, bewustere manier. Een urgent vraagstuk in een tijd waarin de nadruk in mijn ogen teveel op de mens ligt, dieren onbegrepen en slecht behandeld worden en het landschap te vaak als een ondergewaardeerde vanzelfsprekendheid wordt gezien.

Mijn werk is een pleidooi voor liefdevolle vormen van samen-leven, zachtheid, intimiteit, aandacht en verbeelding. Belangrijke thema’s die aanwezig zijn in mijn werk zijn dier-mens-landschaprelaties, gelijkwaardigheid en ecocentrisme, maar ook transformatie, zintuiglijkheid, mythologie, storytelling en embodied research.

Binnen dat wat ik maak, gedragen tekst en beeld zich als het ware als aardplaten die naar elkaar toe, uit elkaar of langs elkaar bewegen. Beeld botst tegen tekst op, duikt eronder en duwt tekst omhoog, waaruit het beeld weer kan uitbarsten. Ik ben op zoek naar het moment waarop tekst en beeld niet alleen elkaar complementeren, maar in elkaar doorwerken en ruimte voor poëzie vormen.

In 2023 ben ik afgestudeerd aan BEAR (Base for Experiment, Art & Research) Fine Art aan ArtEZ in Arnhem. Sinds 2024 ben ik woon- en werkzaam in Groningen. Eind 2024 heb ik daar het Groninger Beeldende Kunst Stipendium ‘Land’ toegekend gekregen door de Gemeente Groningen, Academie Minerva en Kunstpunt Groningen, voor het uitvoeren van een nieuw project in 2025-2026. Gedurende deze periode werd ik ondersteund door de Noordenaars binnen het Artist in Space talentontwikkelingstraject.

Afgelopen jaren heb ik meerdere residenties gedaan in Nederland, onder andere bij Het Lage Noorden (Marrum), Bierumer School (Bierum) en LekArt (Culemborg), maar ook in het buitenland bij Cittadellarte – Fondazione Pistoletto (Italië) en ArToll Kunstlabor (Duitsland). Eerder werd mijn werk onder andere tentoongesteld in groepsverband bij Rozet (Arnhem) en het MOW | Museum Westerwolde (Bellingwolde), alsook tijdens een zelf-geïnitieerde expositie van het collectief ‘Maar er moet iets meer man’, wat ik samen met mijn moeder en beeldend kunstenaar Maartje Meerman vorm, bij Plaatsmaken (Arnhem). Het traject horende bij het stipendium heb ik in juli 2026 afgerond met mijn eerste solotentoonstelling bij de Bierumer School. Het project wat ik ontwikkelde, is nog niet ten einde. De komende tijd richt ik me op het uitwerken van mijn alter ego Graaf Mol waarvoor ik nog veel plannen heb.

Ik zie mijn werk en hoe ik te werk ga als een 'verdichting': als in zijnde een fictie, een mythologisering, een condensatie, een samenbundeling, een daad van poëzie en dichten. Ik geloof dat de wereld geen toevallig schouwtoneel is en dat iets wat ongerijmd lijkt, toch kan rijmen.